Keuringsinterval magazijnstellingen bepalen
Voor magazijnstellingen geldt een jaarlijkse inspectie door een deskundige als vast uitgangspunt, omdat het keuren van magazijnstellingen verplicht is. Daarmee bent u er niet altijd: schade, intensief gebruik, overbelasting, onderhoudsachterstand en een risicovolle magazijnomgeving kunnen extra controles nodig maken. Een keuring is namelijk een momentopname. Een werkbaar keuringsplan combineert daarom de jaarlijkse basis met extra controles zodra het risico daarom vraagt. Zie ook Periodieke inspectie: frequentie en registratie.
De jaarlijkse keuring is uw ondergrens
Ja, magazijnstellingen moeten periodiek worden beoordeeld. Binnen de Arbo-verantwoordelijkheid van de werkgever geldt een jaarlijkse inspectie door een deskundige in de praktijk als vaste basis, in lijn met NEN-EN 15635: keuring magazijnstellingen uitgelegd. Die keuring zegt alleen iets over de toestand op dat moment. Daarom blijft tussentijdse aandacht nodig. Voer bijvoorbeeld een Maandelijkse visuele inspectie van stellingen uit. Jaarlijks is de ondergrens, niet automatisch een compleet keuringsplan.
Welke risico’s vragen om een korter keuringsinterval?
Verkort het interval als afwijkingen sneller kunnen ontstaan of minder snel worden opgemerkt, bijvoorbeeld door:
- intensief gebruik en veel intern transport;
- aanrijdingen, zichtbare schade of een terugkerende schadehistorie;
- overbelasting, wisselende lastverdeling of te volle opslag;
- slijtage en onderhoudsachterstand;
- krappe ruimte rond stellingen, wijzigingen in opstelling of een onrustige magazijnomgeving.
Met extra controles grijpt u eerder in, vóór schade, onveilige situaties of uitval. Hanteer daarbij de Schadecode groen, oranje, rood voor stellingen om urgentie en eventuele extra inspectiemomenten te bepalen.
Zo bepaalt u het interval in de praktijk
Wilt u het keuringsinterval voor magazijnstellingen bepalen, gebruik dan altijd de jaarinspectie als basis en stem tussentijdse controles af op risico, gebruik en de statische en dynamische belasting van magazijnstellingen. Plan het geheel met de Keuringskalender voor magazijnstellingen.
| 1. Jaarlijkse basis | Deskundige keuring van elke stelling. | Minimaal 1 inspectie per jaar. |
| 2. Risico bepalen | Schadehistorie, belasting, lastgegevens, gebruiksintensiteit, onderhoud en wijzigingen in opslag of opstelling. | Meer risico betekent vaker controleren. |
| 3. Type stelling meewegen | Pallet-, inrij-, legbord- en grootvakstellingen hebben dezelfde jaarlijkse basis, maar niet hetzelfde risicoprofiel. | Frequentie per situatie aanscherpen. |
| 4. Opvolging vastleggen | Wie controleert, wat wordt geregistreerd en wanneer extra inspectie of herinspectie volgt na schade, afkeur of herstel. | Vast schema met duidelijke escalatie. |
Wat wordt tijdens een keuring daadwerkelijk gecontroleerd?
Een goede keuring kijkt verder dan alleen zichtbaar staalwerk.
| Constructie | Vervorming, slijtage, zichtbare schade, losse of gebroken onderdelen en de algemene constructieve staat. |
| Belasting en identificatie | Belastbaarheid, lastgegevens, herkomstgegevens en duidelijke belastingsaanduiding. |
| Omgeving en gebruik | Vrije ruimte, opslagwijze, pallets en andere factoren die veilig gebruik beïnvloeden. |
De beoordeling toetst dus niet alleen op zichtbare gebreken, maar op veilig gebruik en relevante veiligheidscriteria.
Wie voert de keuring uit en wat doet u met de uitkomst?
Laat de keuring uitvoeren door een deskundige keurmeester of gespecialiseerd inspectiebedrijf; een losse interne aanname is daarvoor niet genoeg. Na afloop heeft u een duidelijke rapportage nodig met bevindingen, goed- en afkeurpunten en bewijs van inspectie. Geconstateerde schade vraagt directe opvolging via herstel, beheersmaatregelen en zo nodig herkeuring. Bij VI-Nederland sluiten Periodieke inspectie van magazijnstellingen, een keurmeester voor opslagsystemen en reparatie van beschadigde stellingen daarom logisch op elkaar aan.